spacer
header
Home
Welkom
Zoekindex
Actueel nieuws
Berichten en opinies
Nieuwsbrief artikelen
Standpunten
Kennisdomein
Belangrijke procedures
Vereniging VOLE
Luchthaven Eelde
Contact met VOLE
Klachtenbehandeling
Downloads
Cartoons
Links
Zoeken
 
Home arrow Actueel nieuws arrow Vliegveld Eelde door eigen verleden ingehaald

Vliegveld Eelde door eigen verleden ingehaald
Geschreven door Jan Lambers   
vrijdag 17 november 2006

Vliegveld Eelde door eigen verleden ingehaald

Op dinsdag 14 november 2006 vond in het gemeentehuis van Haren een hoorzitting plaats van de “Stichting Advisering Bestuursrecht voor Milieu en Ruimtelijke Ordening” van de Raad van State. Doel was de appellanten tegen de baanverlenging de gelegenheid te geven hun bezwaren nog eens mondeling toe te lichten en hen omtrent hun bezwaren vragen te stellen. Een tweede doel was de drie specialisten van deze stichting, die hiervoor afgereisd waren naar Haren, in de gelegenheid te stellen zich een goed oordeel te vormen, waarmee zij de Raad van State konden voeden. De Raad zou dan naar verwacht wordt rond mei 2007 een uitspraak kunnen doen.
Het positieve van deze zitting was dat nu eindelijk eens het nut en de noodzaak van de baanverlenging door ons aan de orde kon worden gesteld en dat wij daarvoor een aandachtig oor aantroffen.Wij kregen nu ook de gelegenheid in te gaan op de verweerschriften van de kant van de beide staatssecretarissen en GAE op de bezwaarschriften die wij in mei van dit jaar hebben ingediend.
Opvallend in deze verweerschriften waren enkele passages, waarmee de verweerders zichzelf naar mijn mening juist verder in het defensief geplaatst hebben.
Het ging hierbij om de vergelijking tussen GAE en de luchthaven Bremen.
Wij hadden gesteld dat Bremen op een baan van 1900 meter aanzienlijk meer vluchten wist te accommoderen dan GAE en dat dus niet de baanlengte, maar het aanbod van passagiers de doorslaggevende factor was. Kortom, baanverlenging zou het probleem van GAE niet oplossen.
Het verweer tegen deze stellingname van de verweerders (GAE) was dat de startbaan van de luchthaven Bremen 2040 meter was. Nu is het inderdaad onduidelijk hoe lang de beschikbare startbaan precies is, doordat de luchthaven Bremen ons daarover geen mededelingen heeft gedaan. Reden om de Stichting Advisering Bestuursrecht in overweging te geven deze informatie zelf te vergaren.
Maar veel belangrijker in het verweerschrift was wat er op deze mededeling volgde.
Het is te lezen op pagina 18 van het verweerschrift van Pels Rijcken & Drooglever en Fortuyn, die namens de staatssecretarissen van Verkeer en Waterstaat en VROM optreden. ”In toenemende mate stellen vliegtuigmaatschappijen namelijk de eis dat de start-en landingsbaan ten minste 2000 meter bedraagt…”
Dit is een onthullende constatering, doordat de eis van 2000 meter dus kennelijk nog lang niet door alle maatschappijen gesteld wordt.
Dus met minder, zoals 1900 meter voor Bremen of 1800 meter op Eelde kan het ook. Kennelijk is 2500 meter blijkbaar helemaal niet nodig.
Dit alleen al is volgens mij een doorslaggevend argument om de baanverlenging te heroverwegen.

In het verweerschrift is overigens niet aangegeven waarop die eis van 2000 meter gebaseerd is. Als dat is omdat men met steeds grotere vliegtuigen wil kunnen vliegen dan doemt onmiddellijk weer de vraag op grond van welke marktgegevens men dan denkt die grotere vliegtuigen ook vol met passagiers te krijgen. Daarover laten verweerders ons ook nu weer volledig in het duister tasten.
Het punt is ook hierom belangrijk doordat de vliegtuigtechniek de laatste twee decennia sterk is voortgeschreden. Sterkere motoren die sneller kunnen optrekken en die bovendien energiezuiniger zijn, hebben de zelfde afstand met minder kerosine binnen bereik gebracht. Dit is in ons bezwaarschrift ook al aangegeven. Maar nu hebben wij er bij de genoemde Stichting nog eens expliciet op aan kunnen dringen een onafhankelijke, deskundige bron, zoals de afdeling vliegtuigtechniek van de TU Delft, te vragen wat de technische ontwikkelingen van vliegtuigen hebben betekend voor de noodzakelijke lengte van een start-en landingsbaan vanaf het moment dat GAE voor het eerst met de wens tot een 2500 meter baan is gekomen. Verder zou een verwachting van deze deskundigen m.b.t. de komende tien jaar natuurlijk ook zeer welkom zijn in de discussie over de optimale baanlengte.
In dit verband zijn de doelstellingen van GAE bij de eerste aanvraag van baanverlenging onthullend. Zij dateren van 1979. Daartoe nemen we een stukje over van de nieuwsbrief van de luchthaven van april 1986. Cursief.
Maar nu ligt dan een bedrijfsplan op tafel, waarin de toekomst van de luchthaven zorgvuldig wordt belicht. Het onderzoek bevestigt dat baanverlenging een onmisbaar onderdeel is van het intensiveringsproces.
Het zou alleen al zestienduizend vakantiegangers per jaar opleveren, die zich vanaf Eelde naar hun zuidelijke vakantiebestemming laten vliegen. Of zo’n zeventig veevluchten naar Noord-Afrika en het Verre Oosten. Afgezien nog van de commerciele effecten voor reisorganisaties en de veehandel, zou ’t voor de luchthaven financieel gezien aantrekkelijk zijn. Het bedrijfsresultaat van Eelde zou daardoor aanmerkelijk verbeteren. Een aangename gedachte, zeker ten opzichte van het huidige, negatieve exploitatieresultaat. De werkgelegenheid, zo heeft het onderzoeksbureau Van de Bunt , zou eveneens een grote impuls krijgen.

Wat is er nu zo onthullend aan deze doelstellingen?
Dat is dat de belangrijkste er van, de toename van het aantal te vervoeren vakantiegangers, al meer dan gerealiseerd is. In 2003 bedroeg het aantal passagiers met chartervluchten al 128.939 en daarna is het nog verder toegenomen.Zelfs als we dit getal door twee delen zijn het er nog vier keer zo veel als in 1986 voorzien.Zonder dat er ooit een spade voor baanverlenging de grond is ingegaan! De oorzaak hiervan valt voor een belangrijk deel toe te schrijven aan de genoemde inmiddels gevorderde vliegtuigtechniek.

Toch hebben deze bereikte doelen niet geleid tot positieve exploitatieresultaten voor de luchthaven. Men mag zich daarom afvragen wat er gebeurd zou zijn met de exploitatiekosten van het vliegveld als de baanverlenging wel was doorgegaan met alle kostenverhogingen van dien. Het zou nog wel eens zo kunnen zijn dat met het uitstel van de baanverlenging ook het einde van het vliegveld is uitgesteld.
Maar het feit dat GAE door het verleden is ingehaald, heeft de bedrijfsleiding en de haar steunende regionale politici er niet van weerhouden te blijven strijden voor baanverlenging. Daartoe heeft men de doelstellingen nog veel ambitieuzer moeten maken dan in 1979 het geval was. Dat wil zeggen dat men nog grotere vliegtuigen op Eelde wilde laten landen en opstijgen.
De geschiedenis heeft nu zo langzamerhand echter laten zien dat de vliegtuigen die al aan een baan van 1800 meter genoeg hebben, op Eelde zelden of nooit volbezet raakten. Er zal dan ook geen vliegoperator zijn die serieus denkt hier nog aanzienlijk grotere toestellen vol te krijgen.
Als men dat in Bremen al niet overweegt, waarom moet het op Eelde dan zo nodig wel? Laat onze luchthaven blij zijn dat ze haar doelstellingen van 1979 zonder baanverlenging heeft weten te bereiken en laat ze haar voortbestaan niet langer op het spel zetten door een onnodig grote broek aan te willen trekken.
En laat GAE eindelijk eens positief beleid ontwikkelen, uitgaande van de huidige baanlengte. Men zal vastlopen op de conclusie dat het achterland te klein is.
Maar dat wordt niet groter als de baan wordt verlengd.




 
< Vorige   Volgende >

spacer
© 2017 VOLE (Vereniging Omwonenden Luchthaven Eelde)
Joomla! is Free Software released under the GNU/GPL License.